Home » Hoofdstuk 5 het weer » 5.6 Onweer en bliksem

5.6 Onweer en bliksem

Een stof kan door wrijving elektrisch geladen raken. De wrijving zorgt er voor dat elektronen van de atomen die in de stof zitten, aan de wandel gaan. De stof kan hierdoor positief of negatief geladen raken.

In een wolk kunnen door luchtstromingen ook concentraties van elektrische positieve of negatieve ladingen ontstaan. Als wolken met tegengestelde ladingen vlak langs elkaar heen gaan, kan er een vonk (bliksemflits) overslaan en hoor je even later een knal (donder). Het verschil in lading kan ook zo sterk zijn dat de elektronen de sprong naar de aarde maken: je hebt dan een blikseminslag.

onweer.jpg

Vaak kun je onweer zien aankomen.

Als de wolken steeds donkerder worden, is er onweer op komst. Ook kun je vaak het merken aan het kraken van het geluid van de radio of televisie, of aan het onrustig worden van je huisdier.

Een bliksemflits is een enorme elektrische vonk.

In Nederland zijn er paar jaar zo'n 100 000 blikseminslagen.

Dat is heel wat als je weet dat een blikseminslag gevaarlijk kan zijn. Maar gelukkig zijn veel gebouwen beveiligd met een bliksemafleider.

Een bliksemafleider is een metalen staaf met daaraan een stroomdraad. De bliksemafleider wordt bovenop het huis geplaatst. De blikseminslag vindt dan plaats in de staaf en niet in het gebouw. Door de draad wordt de elektrische stroom afgevoerd naar de grond.

 

bliksemafleider.png